Wie is Prof. Huisman?
Het Huisman Onderzoekcentrum is vernoemd naar prof. Johannes Huisman, die van 1957 tot 1988 hoofd was van de afdeling Infectieziekten van de Rotterdamse GGD. Prof. Huisman is internationaal autoriteit op het gebied van infectieziekten en vaccinaties. Hieronder staat een kort overzicht van zijn imposante loopbaan.
Een van de ‘hoogtepunten’ in zijn carrière speelde meteen al vlak na zijn aanstelling als hoofd van de toenmalige afdeling Infectieziekten, Hygiëne en Quarantaine. Dat was de beroemde
Planta-affaire, begin jaren ’60 van de vorige eeuw, die zo’n 150.000 mensen trof. “Zo’n grote epidemie heeft zich nooit meer herhaald”, vertelt prof. Huisman. “Het was voor mij een leerzame ervaring. Ik zag het belang van snelle controleproeven, van statistiek en van goede contacten met ‘het veld’.”
Poliovaccinatie
De eigenlijke eerste taak van prof. Huisman was het regelen van de poliovaccinatie. In 1956 was in Nederland de grootste polio-epidemie ooit, met zo’n 2.200 besmettingen. Prof. Huisman werd door de gemeenteraad van Rotterdam benoemd tot Stadshygiënist. “Uiteindelijk is iedereen die na 1945 was geboren, ingeënt tegen polio. Dat is een hele klus geweest, want we hadden bij de GGD maar twee of drie mensen op de afdeling. Met dat kleine clubje moesten we alles regelen.”
Onderzoek schepen
Prof. Huisman was tevens quarantainearts. Zijn taak was het bezoeken en onderzoeken van schepen die uit een besmet gebied kwamen, of die een patiënt met een infectieziekte aan boord hadden. Ieder schip dat Nederland binnenkwam, moest een maritieme verklaring afgeven. “Als het schip uit een besmet gebied kwam, hielden we altijd meteen een inspectie. We deden dat samen met de Roteb. In 2006 zijn zulke controles weer verscherpt, in verband met nieuwe internationale gezondheidsregels. Dat vind ik goed, want dat verkleint de kans op import en verspreiding van ernstige infectieziekten.”
Gezondheidsraad
In 1979 werd prof. Huisman lid van de Gezondheidsraad. Hij nam in de loop van de tijd deel aan tientallen commissies, die hebben geadviseerd over onder meer salmonellose, vaccinatie tegen mazelen en rodehond, epidemiologische wetgeving, ziekenhuisinfecties en het Rijksvaccinatieprogramma.
Alert blijven
Gedurende de jaren zeventig zakte de belangstelling voor infectieziekten in de westerse wereld weg. Het idee bestond dat infectieziekten onder controle waren en dat verder onderzoek niet nodig was. De komst van AIDS en later SARS heeft wel aangetoond dat alertheid nodig blijft. Ook prof. Huisman heeft daar altijd op gehamerd. “Wij waren bijvoorbeeld voor blijvende voorlichting aan huisartsen en andere professionals, om de belangstelling voor infectieziekten te behouden. En ook de rol van GGD’en te versterken.”
CDC is top
Tegenwoordig is er weer volop aandacht voor infectieziekten. Er is een Nederlands en een Europees centrum voor infectieziektenbestrijding gekomen en de public health kant van infectieziekten is verbeterd. De absolute top is volgens prof. Huisman de Amerikaanse Centers for Disease Control and Prevention (CDC). “Daar is de preventie en bestrijding heel goed geregeld. Andere landen kunnen bij problemen de hulp van de CDC inroepen. Zij hebben ook de beste opleiding, waarin je onder meer praktisch onderzoek doet. Zo mooi hebben wij het nog niet.”
Voor de toekomst is blijvende alertheid nodig, vindt prof. Huisman. “Dat klinkt als een open deur, maar het is wel waar. Niemand weet welke gevaren er nog schuilen. Je moet altijd bedacht zijn op infectieziekten.”